Home page

De
apokalupsis
van Jezus Christus



"Laten we uitzien naar de openbaring van onze Heer"
(1Cor.1:7).


DE OPENBARING VAN CHRISTUS

In het nieuwe testament worden in het Grieks zes verschillende woorden gebruikt, die betrekking hebben op de komst van de Heer. In de vorige studie is het woord parousia behandeld, doorgaans vertaald als komst, terwijl het gekomen zijn betekent, aanwezigheid.

Nu het woord apokalupsis. Het is een afleiding van het werkwoord apokalupto, van apo (=weg) en kalupto (=bedekken). Dus apokalupsis betekent het wegnemen van bedekking, openbaren, ontsluieren.

De NBG-vertaling gebruikt in de volgende teksten in de woorden apokalupsis of apokalupto:

"Op dezelfde wijze zal het gaan op de dag, waarop de Zoon des mensen geopenbaard (= ontsluierd) wordt" (Luc.17:30).

"Want het lijden van de tegenwoordige tijd weegt niet op tegen de heerlijkheid, die in ons geopenbaard zal worden" (Rom.8:18).

"Zodat u ten aanzien van geen enkele genadegave tekort komt, terwijl u uitziet naar de openbaring van onze Here Jezus" (1Cor.1:7).

"God zal aan u, die verdrukt wordt, verkwikking vergelden samen met ons, bij de openbaring van de Here Jezus van de hemel met de engelen Zijner kracht, wanneer Hij komt om op die dag verheerlijkt te worden in Zijn heiligen" (2Thes.1:7-10).

"Dat de echtheid van uw geloof tot lof en eer en heerlijkheid blijke te zijn bij de openbaring van Jezus Christus" (1Petr.1:7).

"Vestigt uw hoop volkomen op de genade, die u gebracht wordt bij de openbaring van Jezus Christus" (1Petr.1:13).

"Verblijdt u naarmate u deel hebt aan het lijden van Christus, opdat u zich ook met vreugde zult mogen verblijden bij de openbaring van Zijn heerlijkheid" (1Petr.4:13).

"Openbaring van Jezus Christus ...." (Op.1:1).

"Want met reikhalzend verlangen wacht de schepping op het openbaar worden van de zonen Gods" (Rom.8:19).


APOKALUPSIS IS ZICHTBAARWORDING

De beste vertaling van het woord apokalupsis is ontsluiering. Het drukt het duidelijkst uit, dat de apokalupsis van Christus niet in eerste instantie een kwestie is van komen, maar van zien.

Het gaat niet over de komst van Christus vanuit de hemel daarboven naar onze planeet hier beneden. Hij blijft waar Hij is, als Geest, overal onzichtbaar aanwezig, ook bij ons (Mat.28:20). Hij zal zichtbaar worden, ontsluierd.

Wij, die Zijn parousia kennen, zien uit naar die ontsluiering. Niet daar, ergens in de lucht, op een zichtbare wolk of als een felle bliksemflits, maar met Hem in de Geest (Col.3:1-4).


ONZE HOUDING

Ten eerste moeten we de Heer, ook in moeiten en in tegenslagen, blijven volgen met blijdschap en vertrouwen. "Verheug je, als je geloof beproefd wordt door vuur en druk. Het is om tot lof, heerlijkheid en eer te komen bij de apokalupsis van Jezus Christus" (uit 1Petr.1:6-7).

Beproeving is nodig als voorbereiding, training, voor het "zien" komen van Zijn ontsluiering. Zijn luister komt in de Zijnen namelijk niet tot openbaring zonder vurige beproevingen, druk, verdrukking.

Het tegengestelde wil de opnametheorie ons doen geloven, die beweert, dat we aan "de grote verdrukking" zullen ontsnappen. Hoe? Door een sensationele, plotselinge opname van de hele gemeente. Nee, zegt Petrus, juist door allerlei beproevingen en door (een louterend) vuur moet eerst de echtheid van ons geloof blijken. Zijn parousia kan dan pas worden ontsluierd. Dan pas komt Hij in en met de Zijnen (="met de wolken") en dan zal elk oog Hem zien (Op.1:7).

Ten tweede moeten we weten en dankbaar zijn, dat "je geen enkele gave van de Geest te kort zal komen tijdens het wachten op en het uitzien naar de openbaring (apokalupsis) van onze Heer" (1Cor.1:7).

Tot Zijn openbaring blijft Hij ons overvloedig zegenen. We nemen daardoor toe in genade en wijsheid, terwijl we blijven uitzien naar Zijn apokalupsis.

We moeten ons wel afwenden van wat er in "Babel" allemaal beweerd en geleerd wordt over de zgn. "wederkomst" van Jezus en ons richten op het "nieuwe Jeruzalem", de hemelse stad. Daar, op dat verheven bestaansniveau, wordt zoonschap "zichtbaar", gebaard, geopenbaard (Op.12:1,5).


GODS WERK

De grote Italiaanse beeldhouwer Benvenuto Cellini heeft ons een verhaal nagelaten, dat gaat over een groot blok marmer. Vanwege een barst zag geen enkele beeldhouwer er iets in, behalve n. Deze liet er op het grote plein van Florence een schutting omheen zetten en er werd een schuurtje bij gezet voor de kunstenaar. Twee jaar lang werd eraan gewerkt. Toen verzamelden de burgers van Florence zich op het plein voor de onthulling. Toen de schutting werd verwijderd, waren de aanwezigen met stomheid geslagen. Ze zagen de David, gemaakt door ene Michelangelo.

Niemand zag wat in dat blok marmer, behalve Michelangelo. En z ziet God ook iets in ons. We zijn immers Zijn maaksel (Ef.2:10). De almachtige Vader ziet ook in ons iets moois: het beeld van Jezus Christus. Hij werkt onvermoeibaar door, in het verborgene, om ook in ons het beeld van Zijn Zoon te bewerken.

Laten we ons gerust toevertrouwen aan de handen van de Beeldhouwer. Hij kan in ons de Zoon vormen ondanks de barst in het materiaal, ons "vlees". Laten we Hem maar in ons laten werken (vgl. Joh.5:17). Want Hij maakt nieuwe mensen, mensen die "vernieuwd zijn tot de volle kennis van Zijn beeld" (Col.3:10).


IN HET VERBORGENE

God werkt in het verborgene. Job zei: "Ga ik naar het oosten of naar het westen, ik zie Hem niet. Werkt Hij in het noorden of in het zuiden, ik zie Hem niet. Maar Hij weet wel, hoe mijn wandel is" (Job 23:8-10). Ja, "ik weet dat mijn Verlosser leeft!" (Job 19:25).

Wat de situatie ook is, een tijd van beproeving, eenzaamheid of wanbegrip, blijf zeggen: "Ik ben de Zijne; Hij kent en doorgrondt Mijn hart; Hij weet hoe mijn wandel is". "Ik zal wachten op de HERE, die Zijn aangezicht verbergt, ja, op Hem zal ik hopen" (Jes.8:17). Hij verbergt Zich namelijk opdat daar iets uit zou voortkomen, net als bij Job (Jac.5:11). Als God Zich verbergt, zit Hij niet stil! (Joh.5:17). In het verborgene werkt Hij door om ons geestelijk volwassen te maken, als "Christus", als "christen" (1Cor.15:22, Job 42:1-16).

Ook de Zoon van God kwam verborgen als mens, "gewikkeld in doeken". De Vader had Hem verborgen opdat Hij Zich kon openbaren aan oprecht zoekenden (Spr.25:2). In plaats van Zijn belagers te confronteren met Zijn almacht en alwetendheid, is het goddelijke wijsheid, dat Jezus Zich terugtrok. Het was Gods Geest, die Hem leidde naar eenzame plaatsen om met Zijn Vader alleen te zijn. Hij was veracht, werd gehoond en belachelijk gemaakt en uiteindelijk verworpen. Hij deed niets om Zich te bewijzen.

Ja, het levende Woord, waardoor alle dingen geworden zijn, verbergt Zich, opdat men "Hem zou zoeken en, hoewel Hij heel dichtbij is, Hem al tastende zou vinden" (Hand.17:27-28).

Ook ons nieuwe leven is verborgen. Paulus zegt: "Jullie zijn gestorven en jullie leven is verborgen met Christus in God" (Col.3:3-4). Het is nog versluierd en we bewaren die verborgen schat in aarden vaten, opdat het leven van Christus in volheid kan worden ontsluierd bij de voleinding (=tot het einddoel komen) van deze "eeuw van genade", tot eer van God, de Vader (2Cor.4:7, 2Tim.1:12).


DE APOKALUPSIS VAN CHRISTUS IN ZIJN LICHAAM

Dat er een openbaring van Jezus' Christus kan komen is een werk van God, dat alles uit het verleden overtreft. Zoals eerder gezegd is dat niet de openbaring van de Heer Jezus alleen, maar van de volheid van Christus, van de Zoon en de Zijnen.

In het begin van het bijbelboek "Openbaring van Jezus Christus" is het opmerkelijk, dat Hij ons tot koningen en priesters voor God wil maken, tenminste ..... als we overwinnen (Op.1:6). Hij, Koning, wij koningen.

Door het hele boek Openbaring heen zien we de ontsluiering van hen samen, van de Zoon n van de zonen, van het Lam n van hen die het Lam volgen, van het Woord n van hen die trouw zijn aan dat Woord.

Ze zijn samen met Jezus n "Lichaam", zijn van alle tijden, en door vurige ovens gelouterd (vgl.Op.1:15). In hen is de gestalte van Christus volgroeid. Ze hebben Zijn gezindheid en doen volkomen Zijn wil. Er is maar n verschil: de Heer Jezus is de de eerste, de oudste, de grootste van vele broederen (Rom.8:29).

De laatste jaren heeft de boodschap over groei tot geestelijke volwassenheid en openbaring tot zoonschap duidelijk geklonken. In allerlei gemeenten en kringen kon men erover horen preken.

Inderdaad! De tijd is nabij gekomen, dat die lang verwachte openbaring zal plaatsvinden, geheel volgens Gods plan. De mensheid is in "de aarde" gezaaid, hopend op "verrijzenis" (=groei) en een "goede oogst" (Rom.8:21a). Met die hoop wacht ook de schepping op de apokalupsis van zoonschap, op de ontsluiering van de volheid van Christus (Rom.8:19). Daar spitst alles zich op toe. En het heerlijke is, dat dit met spoed staat te gebeuren.


OPENBARING VAN GODS AARD

Het bloed, het zwaard, het vuur, het kruis, de heilige Geest, enz. hebben in ons hun werk niet gedaan om ons alleen maar klaar te maken voor een plekje in de hemel. Het was juist Gods bedoeling, dat Hij in ons zou komen wonen. Hij wil, dat Christus in ons gestalte krijgt, opdat we Hem zouden openbaren, Zijn wezen, Zijn aard.

Jaren lang hebben we gezegd: "Als de wereld de werken van God eens zou kunnen zien!" De werken Gods zijn aan de wereld getoond en daar kwamen talloze nieuwsgierigen op af. We hebben wonderen en tekenen gezien in grote campagnes. Zeer veel mensen werden gedoopt met de heilige Geest. Het was maar een begin.

Maar nu. God verlost de zuchtende mensheid en schepping helemaal niet door het geven van zegeningen, maar door de openbaring van Zijn wezen (Rom.8:19-22). Het Lam Gods heeft ons niet gered door het doen van wonderen en tekenen, maar door Zichzelf te geven en "het wezen van God te openbaren". God richt alles, Hij zet alles recht, door "de volheid van Christus", door het "volk voor Zijn naam".

Dat "volk voor Zijn naam" maakt Hij nu dus klaar in het verborgene (Hand.15:14). En als het wordt ontsluierd, zal het Zijn wezen, Zijn liefde, genade, kracht, leven, redding en verlossing ongelimiteerd doen stromen tot de vermoeide en belaste mensheid, net zoals Jezus dat deed in Isral. Dat "volk" wordt dan ontsluierd en zal de grote werken Gods doen, wereldwijd (Joh.14:12).


HET GEHEIMENIS CHRISTUS

Het geheimenis van Christus is het grootste geheimenis aller eeuwen. Het is: "Christus in ons, de hoop der heerlijkheid". Dat is: "Christus in ons, verborgen in het vlees". Het is Zijn leven, dat komt wonen in ons lichaam. Onze lichamen mogen tempels zijn (1Cor.6:19). En vanuit die "heiligdommen" (vanuit het samengestelde lichaam van Christus) wil God spreken tot de ganse kosmos en Zijn heerlijkheid machtig openbaren.

Ja, "de Christus, die ons leven is" zal openbaar worden. Het leven van Christus zal ontsluierd worden en Zijn heerlijkheid zal gezien worden. Eeuwen lang is het verborgen gebleven. Hij komt, en met Hem de Zijnen. Hij komt en Zijn loon is bij Hem. (Op.22:12)


WANNEER KOMT CHRISTUS?

Nu deze dringende vraag: Wanneer is de dag van Zijn komst?

Hij komt, wanneer vlees van geest volledig gescheiden zijn in Zijn "vele broeders". Christus komt, als de Zijnen volledig zijn gereinigd van "Egypte" en van "Babel". Er mag geen sprake meer zijn van "bezoedeling van het vlees en van de geest" om met Hem in heerlijkheid te verschijnen (2Cor.7:1).

Dat kan pas, als de leden van Zijn lichaam hun "heiliging hebben volgemaakt" (2Cor.7:1). Hij komt, als zij, leden van Zijn Lichaam, zijn gelouterd, geheiligd en "gestorven aan het vlees". Want eerst moeten "zij die met Hem zullen verschijnen" ook "gemeenschap aan Zijn lijden en gelijkvormigheid aan Zijn dood" ervaren (Fil.3:10). Dan pas.

God is goed. Hij gaf ons een geweldige hoop: het leven van Christus in ons. Het zal niet altijd verborgen blijven! Hij, die ons leven is, zal worden geopenbaard, op Zijn tijd, en in geest en waarheid. Als Zijn tijd komt, dan is ook nze tijd gekomen. Want de bijbel zegt overduidelijk, dat Hij niet zal worden verheerlijkt zonder ons!


OPENBARING VAN JEZUS CHRISTUS

We zullen nu iets uitgebreider stilstaan bij het laatste bijbelboek en daarbij vooral letten op het woord apokalupsis. Eerder hebben we gezegd, dat als je iets wilt ontsluieren, er iets moet zijn. Als het boek Openbaring, met al zijn symboliek een apokalupsis van Jezus Christus is, dan moet Hij aanwezig zijn. Zijn komst is dus niet een komen van grote afstand of later in de tijd. Hij is met ons aanwezig en dat zal in heerlijkheid worden geopenbaard.

"De openbaring van Jezus Christus...." Deze beginwoorden zijn de sleutel tot de inhoud van het boek. Want het beschrijft geen gebeurtenissen uit het verleden of in de toekomst. Het gaat over de ontsluiering van Jezus Christus in al Zijn volheid, in het eeuwige nu.

Eigenlijk is n van de redenen, waarom dit bijbelboek zo verkeerd wordt begrepen, dat men altijd denkt, dat het zou gaan om toekomstige gebeurtenissen. Nee, het gaat om de apokalupsis van Iemand die IS en die nog nooit gezien is in Zijn volle heerlijkheid en majesteit.

Maar, zult u denken, Christus werd toch al openbaar, toen Hij op aarde kwam! Nee, het Woord van de levende God werd toen juist verborgen. "Het Woord is vlees geworden", zegt Johannes. Christus werd vlees. Het Woord kwam in een menselijk lichaam. Net zoals God in het oude testament in een aardse tabernakel kwam, zo kwam Jezus in een "tabernakel van vlees". In de woestijn was die met allerlei kleden bedekt. Buitenstaanders konden niet zien, wat daarin aanwezig was en wat daarin gebeurde. Zo werd Jezus als het ware "in doeken gewikkeld", in de "doeken" van het menselijke lichaam.

God werd dus voor de wereld niet geopenbaard, toen Christus voor de eerste keer op aarde kwam. Alleen enkelingen, als Simeon en Anna, Simon Petrus, en een zeer klein groepje volgelingen "zagen", dat Jezus de Christus was.

Wel deed Jezus God kennen. Hij vertelde van het Koninkrijk Gods. Hij toonde aan, wie en hoe de Vader was. Hij leefde zodanig, dat ieder die met Hem in aanraking kwam, vroeg of laat tot de erkenning moest komen, dat Deze "waarlijk een Zoon van God was" (Mat.27:54). De Vader was in Hem te "zien". Maar toch was dat niet de openbaring van Christus. Dat is de geweldige apothose als Hij komt met de wolken en alle dingen nieuw gaat maken.


HET LAM IS HET WARE LICHT

In, bij en tijdens de apokalupsis van Jezus Christus komt alles in het juiste licht te staan. Dat betekent, dat al het kwaad te voorschijn komt, omdat het door het Waarachtige Licht wordt beschenen. In dt Licht blijkt van alles de ware aard. Ieder wezen komt voor Hem te staan precies zoals hij is.

Het licht van het Lam is het enige licht, dat z kan schijnen. In de hemelse stad Jeruzalem is het Lam de lamp. Hij is "het waarachtige licht, dat ieder mens verlicht" (Joh.1:9).

Toen Hij in de wereld was, heeft de wereld Hem niet gekend" (Joh.1:10). Maar bij de ontsluiering van de volheid van Christus wordt Hij openbaar. Dan zal iedereen Hem loven (Jes.45:23). Dan wordt de hele wereld door Hem behouden (Joh.3:17).

Dan wordt de Lamp ontsluierd, die alles ontmaskert! Al het kwaad wordt eens en voor altijd onttroond in het hart van de mens. Zoals het daglicht in de vroege ochtend de nachtelijke duisternis verdrijft, zo zal de openbaring van Jezus Christus zijn. Alles wat met zonde en dood heeft te maken, wordt verzwolgen in de overwinning. Na het nachtelijk duister volgt de dag, de "dag des Heren". Dat is Gods orde. Eerst de avond, dan de morgen van de "nieuwe dag" (Gen.1:5).

Home page